Obiter Dictum

Notes on the adventure of life.

Old is the new happy.

leave a comment »

(De Morgen Wax, 26 juni 2010)

Geluk is geen constante. Mocht u er nog aan twijfelen, recente onderzoeken aan de universiteit van Colombia en Princeton hebben het bewezen: geluk in het leven kent een U-vorm. Het is het hoogst als we jong en oud zijn en kent zijn diepste punt op middelbare leeftijd. Het gelukkigst is men rond het 18de levensjaar. Daarna gaat het, wat geluk betreft, alsmaar bergaf tot rond de vijftig, waarna men zich terug alsmaar gelukkiger begint te voelen. Op de kranige leeftijd van 85 voelen de meeste mensen zich zelfs beter in hun vel dan op hun 18de. Want wat blijkt? In tegenstelling tot wat men zou verwachten, concentreren oudere mensen zich niet op de toenemende dreiging van een chronische ziekte of de dood, maar nemen ze vaak een hedonistische houding aan: ze focussen zich vooral op de leuke dingen des levens, zoals familie, vrienden en een gevuld sociaal leven. Op die manier houden ze er de actieve, gepassioneerde levensstijl van een veel jongere generatie op na. De studie bewijst het: oudere mensen zijn veel beter in staat hun emoties te regelen. Ze hebben een hogere emotionele intelligentie, maken zich veel minder zorgen en ervaren veel minder stress of woede dan jongere generaties. Old is the new Happy.

Gelukkig oud worden is een attitude
Psychologen zijn het erover eens: een goede gezondheid is niet noodzakelijk de belangrijkste vereiste voor een gelukkige oude dag. Een optimistische instelling met “positieve verdedigingsmechanismen” als humor, anticipatie en sublimering zorgen ervoor dat we gelukkig oud worden, ongeacht of we gezond zijn of niet.
Stressdokter Luc Swinnen bekrachtigt het: “Gelukkig zijn is heel sterk gekoppeld aan deel uitmaken van een groep. Als kind zijn we deel van een gezin waarin we ons veilig en geliefd voelen. Daarna volgen de puberteit en de volwassenheid, inderdaad levensfases waarin we minder gelukkig zijn omdat waarden als macht, presteren en bewijzingsdrang de overhand krijgen. Het is pas als we wat ouder worden dat we terug onze vrienden en netwerken beginnen te verzorgen en we dus terug focussen op dat wat ons het gelukkigst maakt: deel uitmaken van een groep.
Als het gaat over geluk is het belangrijkste advies dat ik mensen kan geven: sta positief en vol engagement in het leven. Positieve emoties dragen bij tot een langere levensduur. Koester negatieve emoties dus niet te lang. Maak liever een lijstje met positieve emoties en kijk wat ze voor je hebben betekend in het leven. En ten slotte: ga niet mee in de ratrace. Laat dierbare personen niet verkommeren tijdens de drukke jaren. Blijf je netwerken verzorgen en blijf trouw aan jezelf en wie je bent… Zo zorg je ervoor dat je een gelukkige oudere dag tegemoet gaat. ”

Photo by Priscilla Bistoen

In grootmoeders stoel – een gesprek met Jeanne (90), Joske (85) en Annie (81) Brabants.

Drie pientere dames. Fijn, verzorgd en als kwetterende vogeltjes ontvangen ze me in het appartement van Jeanne, hartje Antwerpen. De zussen Brabants zijn drie grootheden uit de moderne Vlaamse cultuurgeschiedenis: samen richtten ze in 1969 het (nu Koninklijk) Ballet van Vlaanderen op. Dansen doen ze zelfs al veel langer, sinds 1941, toen dansen nog als tweederangskunst werd beschouwd.

Alle drie geloven ze ook vandaag nog resoluut in de onschatbare waarde van dans, hun met de paplepel ingegeven door vader, moeder en menige tantes en nonkels begeesterd door alle vormen van cultuur. “De twee grote liefdes thuis waren cultuur en politiek. Ons vader was gymnast en zijn regel was duidelijk: “Eerst uw diploma lichamelijke opvoeding behalen en daarna kunt ge al doen wat ge wilt”, legt Jeanne uit. Annie, de jongste van de drie, wacht respectvol tot haar oudste zus terug zwijgt en vult aan: “In de jaren veertig, toen wij met dans begonnen, werd dansen beschouwd als een oneerbaar beroep. Maar dansen is heel hard werken – fysiek en mentaal. Er is geen tijd voor uitgaan of losbandig leven. Weet je, de moderne maatschappij zou zich beter eens wat meer gaan gedragen als een danser: geconcentreerd, gedisciplineerd, met trots en respect voor eigenwaarde.” knikt ze resoluut.

Zeventig jaar later drijft diezelfde alomvattende passie voor dans nog steeds het bestaan van de zussen. Terwijl veel tijdsgenoten hun dagen luilekker slijten, zijn zij nog altijd begeesterd bezig met het zorgen voor hun ‘baby’ – het Ballet Van Vlaanderen. Want hoewel ze niet langer betrokken zijn bij het dagdagelijks leiden van de school, laat het hen niet los. Dagelijks zijn ze ermee bezig: van het maken van een afspraak met de Schepen van Cultuur tot het bijwonen van het dansexamen aan de school. “Je moet blijven vechten voor datgene waarin je gelooft, het maakt niet uit hoe oud je bent,” knikt Joske.

“Och, ’t is zo mooi, de school vandaag nog kunnen binnenwandelen en zoveel schoonheid zien,” zegt Jeanne. “Al die jonge grassprietjes die zo vol energie van de ene les naar de andere hollen. Het fantastische voor ons is: jonge mensen vergeten dat je oud bent. Ze verwachten dat ge nog elk moment uit uwen frak gaat schieten. Met jonge mensen werken houdt u wel jong, ja.”

Voor rustig ouder worden hebben de zussen duidelijk geen tijd. “Nee, stilzitten dat kan ik niet,” zeg Jeanne. Joske voegt geanimeerd toe: “Voor diegene die niets doen is het leven te lang en voor diegene die veel doen is er altijd te weinig tijd.”
En de zussen hebben duidelijk altijd veel te doen. Ze trouwden, zetten kinderen op de wereld, gaven les, choreografeerden en doorkruisten de wereld met 28 tournees op minder dan 14 jaar. Het tempo nam niet af met het ouder worden. Ze waren allemaal ver boven de veertig toen ze leerden auto rijden (Jeanne begon er zelfs pas aan op haar tweeënzestigste), en op haar vijfentachtigste doet Joske nog wekelijks een Pilatesles. “Mee zijn met je tijd, dat is belangrijk,” zegt Annie. Moderne technologie schrikt de zussen ook niet af: alle drie hebben ze een gsm en computer. Annie en Jeanne hebben zelfs elk een e-mailadres, dat ze me netjes dicteren en dagelijks checken, verzekeren ze me.

“’t leven is ene grote cadeau, mijn kind. Genieten van elk moment, dat moet ge doen,” aldus Jeanne. “Het geheim van gelukkig oud worden? Zoals mijn dokter altijd zegt: “Blijf zolang als ge kunt alle levensfuncties uitoefenen, en ik leg de nadruk op alle,” zegt ze terwijl ze me doordringend aankijkt. “Ge moet blijven leven – lichamelijk en geestelijk – daarin schuilt het geheim,” concludeert ze, met rechte rug en kin trots omhoog, zoals het een echte danseres betaamt.

Het belang van pretentieloze charme – Lieve Adriaensens (61)
Lieve Adriaensens is eenenzestig, maar als men haar naar haar ouderdom vraagt zit ze er soms tien jaar naast. Want ze vindt ouderdom zo’n abstract begrip. “Ik moet vaak eerst goed nadenken en tellen voor ik zelf terug weet hoe oud ik ben,” geeft ze een tikkeltje beschaamd toe. “Behalve als ik ’s morgens opsta, dan voel ik soms dat mijn lichaam niet meer zo jong is als ik zelf denk,” lacht ze.

Lieve kweekt bijzondere één- en tweejarige planten. Niet zozeer bijzonder omdat ze zeldzaam zijn, maar omdat wij ze vergeten zijn. Niet zo lang geleden stond ze in voor het ontwerpen en vullen van de terraspotten van de Koninklijke familie, en werd ze gevraagd om te helpen bij het bedenken van openbare ruimtes als de Kleine Zavel. Haar passie voor eigenzinnige, ongewone planten weet mensen duidelijk te bekoren.

“Vandaag vind je in kwekerijen zo vaak hetzelfde assortiment,” zucht ze. “Ik wil dat mensen opnieuw bekoord worden door de pretentieloze charme van ouderwetse bloemen uit de tuinen van onze grootouders, of potten vullen met ongewone plantjes uit alle hoeken van de wereld. We hoeven toch niet elke zomer weer allemaal geraniums te planten? En waarom zou een roos meer prestigieus zijn dan een klein madeliefje?”

Op een warme lentenamiddag neemt ze me mee door haar eindeloze tuin, tot we plots aan een verdoken terrasje naast een vijver komen. Met een glas fruitsap in de hand vlijt Lieve zich neer op een stoel in de zon. Trots kijkt ze naar de grasperken waarin madeliefjes en klavers wild mogen groeien, naar de nonchalant woekerende bloembedden en houten bakken vol nieuwe plantjes in fragiele kluitjes aarde.

“Er zijn dagen waarop ik naar buiten kom en denk ‘alles is zo perfect vandaag. Het valt allemaal op zijn plaats, zonder dat ik daar iets heb voor gedaan.’ Het moet zelfs geen goed weer zijn, de natuur zorgt er gewoon voor dat alles perfect is zoals het moet zijn.”

Lieve straalt een diepe rust uit. Op de vraag wat geluk op latere leeftijd voor haar betekent, antwoordt ze zonder aarzeling: “Tevredenheid. Ik ben content en ik denk vaak: ’t is goed zo.”
Lieve is geboren in Congo, moeder van drie volwassen kinderen waarvan er een in Nieuw Zeeland woont, en ook al bijna veertig jaar getrouwd. Ze heeft al heel wat gezien. “Nieuwsgierig blijven naar de wereld en naar mensen, dat is zo belangrijk in het leven,” zegt ze. “Ik ben altijd op zoek naar schoonheid in alles. Dat is eigenlijk wat ik doe, of ik me nu bezighoud met mijn plantjes of mijn zoon in Nieuw-Zeeland bezoek. Ontdekken. Bijleren. Verwonderd staan van het leven en beseffen dat je nog zo weinig weet.
Het fijnste aan ouder worden is dat ik nu veel meer mogelijkheden zie om aan mijn nieuwsgierigheid te voldoen. Ik ben niet langer gebonden door kinderen, de verplichtingen van een job of het nastreven van financiële zekerheid. Nu geef ik toe aan mijn nieuwsgierigheid en denk ik vaak: ‘Tiens, dat zou ik nog wel eens willen weten…”

We wandelen terug naar de auto. Onderweg toont Lieve me plantjes uit Californië, Zuid-Afrika maar ook gewoonweg uit België. “Weet je, het tofste aan ouder worden is dat je niets meer moet bewijzen. Ze moeten me maar aanvaarden zoals ik ben,” zegt ze terwijl ze een klaproos zachtjes tussen haar vingers neemt, haar nagels zwart van de aarde waarin ze een hele dag heeft gewoeld.

Een leven vol verwondering – Luk Darras (71)
In hartje Gent ligt de woning van Luc en Barbara Darras. Hij was tot voor kort actief in verschillende hoge functies aan de ambassades van India, Korea, Rwanda, de Verenigde Staten, Indonesië en Australië. Zij is een statige Zweedse met de spontane glimlach van een zestienjarige. Beiden zijn ze net zeventig geworden. Samen hebben ze de wereld gezien, samen brengen ze het ook stuk voor stuk terug tot leven in hun begijnwoning – een eclectische ode aan een leven dat voor drie kan tellen.

In de stijlvolle eetkamer, omringd door zwart-wit foto’s van planeten en sterren, een uitbarstende Indonesische vulkaan en een erotische tekst uit de zesde eeuw, stel ik Luk de vraag: wat zorgt ervoor dat een mens gelukkig is op zijn zeventigste? Hij glimlacht rustig, de plooitjes om zijn ogen maken zijn blik ondeugend jong. “Geboeid zijn door het leven,” antwoordt hij resoluut. “Verwondering voelen en open staan voor van alles en nog wat. Het leven bekijken door de ogen van een kind,” glimlacht hij stoutmoedig, “…en ik ben lang niet meer jong genoeg om te denken dat ik alles begrijp.”

De uitspraak typeert het gesprek: Luk is boeddhist. Zijn zoektocht is eeuwig, hij heeft over alles nagedacht en hij schrokt het leven op in gulzige happen. Hij is geboeid door wetenschap, astronomie, kunst, literatuur en cultuur. De woning puilt uit van verzamelingen kristallen, boeken, kunstwerken, antieke kaarten en astronomische meetinstrumenten van elke orde en grootte. Zijn kennis lijkt eindeloos en zijn nieuwsgierigheid nog groter. Extreme reizen – in lichaam en geest, dat is de rode draad. Twee weken stappen in de Kimberleys – een van de meest afgelegen delen van Noordwest-Australië en bakermat van de Aboriginals en hun “The Dreaming”-filosofie, op zijn 65ste. Of een staptocht door de woestijn in Libië, twee jaar geleden nog. En in oktober trekt Luk naar het Dolpogebied in Nepal, een van de meest afgelegen regio’s van een van ‘s werelds meest afgelegen landen, om er op 5000 meter hoogte te gaan trekken en mediteren. “Op zo’n reizen kom ik mijn ware zelf tegen. Dan keer ik terug tot de essentie. Want weet je: continue interne transformatie, dat is een absolute noodzaak om kwaliteiten in onszelf te ontwikkelen. Het gaat echt niet om hoeveel we hebben, maar om hoe weinig we nodig hebben,” glimlacht hij.

“De kunst van ouder worden ligt in elk moment zo lang mogelijk vast te houden. Je moet dankbaar zijn om het verleden, respect hebben voor de toekomst en vooral leven in het nu. Boeddhisme zegt het duidelijk: “Als ik eet, eet ik. Als ik slaap, slaap ik. Als ik wandel, wandel ik”.

Het verschil in geluk voor jong en oud ligt volgens Luk in een begrip van tijd. “Toen ik jong was, lag geluk altijd in de toekomst. Nu ik ouder ben, ligt het voor mij vooral in het nu,” zeg hij.

Meer dan een uur lang heeft Luk onafgebroken verteld. Tot plots de deur geruisloos opent en Barbara de kamer binnenkomt met koffie en een schaal Zweedse koekjes. Nadat ze de deur zachtjes achter zich heeft dichtgetrokken concludeert Luk: “En liefde. Het mededogen en de naastenliefde om jezelf te mogen zijn. Die vrijheid zorgt voor een gelukkig leven.” Dan leunt hij voorover, ogen fonkelend: “Het is echt zoals het spreekwoord zegt, weet je: Le savoir, le faire, le savoir-faire et le faire savoir.”

“Op mijn vijftiende legde ik me toe op de studie,
op mijn dertigste was mijn opinie gemaakt,
op mijn veertigste overwon ik mijn onzekerheid,
op mijn vijftigste heb ik de wil van de hemel ontdekt.
op mijn zestigste kon geen enkele mening me nog schelen,
Op mijn zeventigste kan ik alle sprongen van mijn hart volgen zonder het rechte pad te verliezen.”

– Confucius – (geciteerd door Luk Darras)

Written by sabineclappaert

June 28, 2010 at 6:20 pm

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out /  Change )

Google photo

You are commenting using your Google account. Log Out /  Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out /  Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out /  Change )

Connecting to %s

%d bloggers like this: